
68
Diverse instellingen wijzigen
De RG-1 heeft een ingebouwde, vierbands digitale equalizer.
U kunt tevens maximaal vier sets met equalizerinstellingen
opslaan, die elk door u gekozen instellingen bevatten, zodat
u de gewenste toonkwaliteit behaalt.
Een equalizer versterkt of vermindert bepaalde toonhoogtes
in het geluid (frequentiegebieden) om zo de geluidsbalans
aan te passen.
U kunt bijvoorbeeld de hoge tonen versterken, zodat u een
scherper geluid krijgt of de lage tonen versterken, zodat het
geluid krachtiger wordt.
U kunt ook het geluid aanpassen om zo de akoestische
kenmerken van de uitvoeringsruimte aan te passen.
Als het verhogen van de waarden van afzonderlijke
frequenties het geluid vervormt, kunt u dergelijke
vervorming met behulp van de ‘Master Gain’ (zie hieronder)
regelen.
→ U kunt de Memory Backup functie gebruiken om deze
instellingen op de RG-1 op te slaan (p. 71).
1. Druk op de [Function] (Exit) knop, zodat de
indicator oplicht.
2. Druk op de [Song] (Select -) knop of de [ ]
(Select +) knop om het EQUALIZER venster weer
te geven.
3. Druk op de [ ] (Value -) knop of de [ ]
(Value +) knop om het EQ setnummer te
selecteren.
Als u een andere waarde selecteert dan ‘Off’, gaat de
indicator van de [Enter] knop knipperen.
4. Druk op de [Enter] knop.
Het instellingenvenster van de equalizer verschijnt.
5. Druk op de [Song] (Select -) knop of de [ ]
(Select +) knop om ervoor te zorgen dat de waarde
van de te wijzigen parameter gaat knipperen.
6. Druk op de [ ] (Value -) knop of de [ ]
(Value +) knop om de waarde te wijzigen.
7. Druk op de [Function] (Exit) knop, zodat de
indicator uit gaat.
Het geluid aanpassen om de
gewenste toonkwaliteit te
verkrijgen (Equalizer)
Waarde
Off, Set1–Set4
Parameter Waarde Omschrijving
Low Gain -12–+12 dB
Past het niveau van het lage fre-
quentiegebied aan.
Low Freq
100–1.0 k
(Hz)
Frequentiepunt in het lage fre-
quentiegebied.
Over het algemeen wijzigt u hi-
ermee het niveau van en onder
deze frequentie.
Lo Mid Gain -12–+12 dB
Past het niveau van het lage fre-
quentiegebied tot het midden
frequentiegebied aan.
Lo Mid Freq
16 –16.0 k
(Hz)
Frequentiepunt in het lage fre-
quentiegebied tot het mid-
dengebied.
Hiermee wijzigt u het niveau
van de aangegeven band-
breedte, die zich op het midden
van deze frequentie bevindt.
Lo Mid Q
0.5, 1.0, 2.0,
4.0, 8.0
Wijzigt de bandbreedte van het
lage frequentiegebied tot het
middengebied.
De bandbreedte, die door de
regelaars wordt beïnvloed,
wordt smaller, naarmate de
waarde wordt verhoogd.
Hi Mid Gain -12–+12 dB
Past het niveau van het midden
tot hoge frequentiegebied aan.
Hi Mid Freq
16 –16.0 k
(Hz)
Frequentiepunt in het mid-
dengebied tot het hoge frequen-
tiegebied.
Hiermee wijzigt u het niveau
van de aangegeven band-
breedte, die zich op het midden
van deze frequentie bevindt.
Hi Mid Q
0.5, 1.0, 2.0,
4.0, 8.0
Wijzigt de bandbreedte van het
middengebied tot het hoge fre-
quentiegebied.
De bandbreedte, die door de
regelaars wordt beïnvloed,
wordt smaller, naarmate de
waarde wordt verhoogd.
Hi Gain -12–+12 dB
Past het niveau van het hoge fre-
quentiegebied aan.
Hi Freq
1.25 k–16.0 k
(Hz)
Frequentiepunt in het hoge fre-
quentiegebied.
Over het algemeen wijzigt u hi-
ermee het niveau van en boven
deze frequentie.
Master Gain -12–+12 dB
Door het niveau te verlagen
kunt u de vervorming in het ge-
luid verminderen.
Als u het niveau te hoog instelt,
kan het geluid eventueel ver-
vormd raken.
Comentários a estes Manuais